7 DOMEINEN MODEL VOOR LEIDERSCHAP IN HET ONDERWIJS

HANDVAT VOOR PROFESSIONELE ONDERWIJSLEIDERS

DOOR PROF.DR. SIETSKE WASLANDER

Het bijzondere aan het Nederlandse onderwijs ten opzichte van het buitenland is dat scholen heel veel ruimte hebben om eigen beslissingen te nemen. Dit geldt voor bestuurders, en doorvertaald ook voor afdelingsleiders, teamleiders en directeuren. Leidinggevenden in het onderwijs hebben dus een grote verantwoordelijkheid en geven zelf vorm aan hun rol. Daarom is het voor onderwijsleiders van belang te weten hoe ze hun leiderschap effectief kunnen maken. Met het 7 Domeinen Model voor Leiderschap in het Onderwijs beschrijft Prof.dr. Sietske Waslander de domeinen waar leiders een taak te vervullen hebben en hoe ze voor samenhang zorgen. Daarbij maakt het niet uit of je nu teamleider, afdelingsleider, directeur of bestuurder bent. Het model helpt je te ordenen wat je als leider in je eigen context aan het doen bent en wat je te doen staat. Welke leidersrol je vervult, bepaalt op welke domeinen voor jou de accenten liggen. In deze onepager, van door Prof.dr. Sietske Waslander, lees je over:

  • de wetenschappelijke basis van het model
  • de betekenis van de 7 domeinen
  • hoe je het model kunt inzetten
  • de praktijk: wat vraagt de corona-actualiteit?

DE WETENSCHAPPELIJKE BASIS VAN HET MODEL

Het 7 Domeinen Model voor Leiderschap in het Onderwijs is gebaseerd op een internationale reviewstudie rond de vraag ‘Wat is effectief leiderschap in onderwijsorganisaties?’ Uit de studie is naar voren gekomen dat leiders in het onderwijs op 7 domeinen actief moeten zijn om effectief te zijn. De leiderschapsactiviteiten binnen deze domeinen moeten in onderlinge samenhang plaatsvinden. Betekenis van de 7 domeinen In de grafische weergave van het model voor effectief leiderschap in het onderwijs (zie illustratie) zijn de 7 domeinen heel bewust op een bepaalde plek gesitueerd. De linkerkant van het model (domeinen 3 en 5) gaat over de menselijke kant van het onderwijs, de rechterkant (domeinen 2 en 4) over de technische kant van het onderwijs, de 2 domeinen boven domein 1 (domeinen 2 en 3) gaan over het onderwijs zelf en de 2 domeinen daarboven (domeinen 4 en 5) gaan over het organisatieniveau. Domein Visie & Richting is niet voor niets nummer 1 en staat niet voor niets onderaan. Dit domein is de basis waar het gehele model op rust. Domein 6 bovenaan het model is de open verbinding met de omgeving. Dat is tegelijkertijd input voor de visie en richting, in domein 1. Zo bouwt het model van beneden naar boven op, van het onderwijs zelf naar de omgeving buiten de school en weer terug. Tot slot staat domein 7 in het midden omdat de persoon van de leider kleuring geeft aan de manier waarop de activiteiten in de andere domeinen worden ingevuld.

7 Domeinen Model voor Leiderschap in het Onderwijs

DE INHOUD VAN DE 7 DOMEINEN:

Domein 1 – Visie & Richting Domein Visie & Richting biedt het gezamenlijke beeld van waarden op basis waarvan alle medewerkers binnen de onderwijsorganisatie hun rol invullen: Waar staan we voor? Wat hebben we te doen? Waar het in dit domein om gaat is dat er een visie en richting wordt ontwikkeld, dat deze gezamenlijk gemaakt wordt en dat vervolgens de geformuleerde visie en richting het uitgangspunt wordt voor alle beslissingen die worden genomen. Wat voor onderwijsorganisaties cruciaal is, is dat de visie en richting concreet wordt gemaakt. Als je bijvoorbeeld hebt besloten dat je als onderwijsorganisatie leerling- of studentgeoriënteerd bent, waaraan merkt een leerling of student van jouw school dat dan? Het gaat in domein Visie & Richting niet alleen om mooie abstracte woorden maar ook om de vertaling naar de hele concrete praktijk. Wat veel onderwijsorganisaties bijvoorbeeld in hun visies, missies en beleidsplannen hebben staan is ‘onderwijs op maat’. Maar wat is dat dan precies? Wat is het niet? Wat merkt een leerling of student daar dan van?

Domein 2 - Curriculum & Instructie Domein Curriculum & Instructie omvat de onderwijskundige kant op het niveau van leerlingen en studenten, het technische aspect van het onderwijs. In dit domein gaat het om vraagstukken als: Hoe zit het leerplan in elkaar? Hoe is het curriculum opgebouwd? Sluiten de toetsvormen goed aan bij de inhoud van het onderwijs? Zijn de doelen die je wilt bereiken goed vertaald naar onderwijsactiviteiten? Zijn de leermiddelen in overeenstemming met de onderwijsdoelen? Et cetera.

Domein 3 – Professionele Ontwikkeling Domein Professionele Ontwikkeling gaat in principe over de professionele ontwikkeling van alle medewerkers binnen de onderwijsorganisatie maar vooral om die van de leraren. De crux van onderwijskwaliteit en het verbeteren van die kwaliteit zit ‘m immers in het handelen van leraren in interactie met leerlingen en studenten. Reflectie op dit handelen en het verbeteren daarvan, is de sleutel en daar ligt bij uitstek een taak voor teamleiders en directeuren, kortom voor leiderschap. De kunst is dat je de waarden die je in de visie samen hebt gedeeld, uiteindelijk terugziet in het dagelijkse handelen van de leraren.

Domein 4 - Coherente Organisatie Domein Coherente Organisatie omvat de technische kant van het leiden van een organisatie. In dit domein gaat het er vooral om dat je als leider zorgt dat alle verschillende beleidsterreinen binnen de onderwijsorganisatie met elkaar stroken. Beleid op het gebied van strategie, financiën, HRM, huisvesting, professionalisering, onderwijs en kwaliteit moeten op elkaar zijn afgestemd. Dus als in de visie is afgesproken dat je als onderwijsorganisatie professionele ontwikkeling van leraren heel belangrijk vindt, maar het budget dat voor dit doel is gereserveerd, spreekt dat tegen, dan heb je iets niet goed gedaan. Domein 4 vereist daarom ook van jou als leider dat je kennis hebt van al die verschillende beleidsterreinen. Het is belangrijk dat je snapt hoe een begroting in elkaar zit en wat de logica daarachter is, zodat je op tijd kan voorzien wat de impact is van de besluiten die je neemt. Dus wanneer je op financieel gebied een bepaald besluit neemt, moet je de consequentie daarvan door kunnen vertalen tot op het niveau van de interactie tussen leraren en studenten. Hetzelfde geldt voor bijvoorbeeld je beoordelingsinstrumentarium in het kader van het HRM-beleid. Als in de visie staat dat je een lerende organisatie bent en dat je het als onderwijsorganisatie heel belangrijk vindt dat docenten zich goed kunnen ontwikkelen, maar ondertussen worden docenten behoorlijk afgerekend op dingen die niet goed gaan, dan strookt je beoordelingsmodel niet met de visie en richting die je als onderwijsorganisatie zegt uit te dragen.

Domein 5 – Lerende Organisatie Domein Lerende Organisatie omvat het faciliteren en organiseren van informatie-uitwisseling tussen medewerkers gericht op een terrein dat strookt met de geformuleerde visie en richting. Als bijvoorbeeld in de visie staat dat je een eigentijds curriculum belangrijk vindt, en je richt leergemeenschappen van leraren in, dan moeten die leergemeenschappen de focus leggen op het actueel houden van het curriculum. Bij lerende organisatie gaat het om hoe je samen werkt en leert, maar dat werken en leren richt zich ook ergens op. Het is niet iets vrijblijvends.

Domein 6 – Strategisch omgaan met de Omgeving Domein Strategisch omgaan met de Omgeving gaat over verbindingen leggen met de omgeving en samenwerken met andere organisaties. Als het gaat over vormgeven van de ontwikkeling van jonge mensen, kunnen onderwijsorganisaties dat niet alleen. Daarom is het voor een onderwijsorganisatie belangrijk om samen te werken met andere organisaties die betrokken zijn bij de ontwikkeling van jonge mensen, zodat zaken onderling kunnen worden afgestemd. Denk aan verbindingen met welzijn, jeugdhulp, de gemeente, het afnemend veld, vervolgonderwijs. Daarnaast is onderwijs bij uitstek een maatschappelijke sector die zich te verhouden heeft tot wat er in de samenleving allemaal gebeurt. Dat wil niet zeggen dat een school of opleidingsinstituut automatisch aan elke wens en elke verwachting tegemoet zou moeten komen. Hoe je daar het best mee om kunt gaan vloeit voort uit je visie.

Domein 7 - Persoon van de Leider Domein Persoon van de Leider gaat over hoe je als leider de activiteiten die belangrijk zijn voor effectief leiderschap, inkleurt. Uit allerlei wetenschappelijk onderzoek blijkt dat het voor de effectiviteit van een leider heel belangrijk is dat anderen de leider zien als integer, betrouwbaar en geloofwaardig. Daarnaast is het van belang dat een leider in staat is wederzijds vertrouwen op te bouwen. Deze persoonlijke vaardigheden vereisen heel zorgvuldige maar ook heel heldere communicatie. Deze manier van communiceren is het beste te omschrijven als, wat Viviane Robinson noemt, ‘engaging in constructive problem talk’. Dit betekent dat:

  • Het belangrijkste werk van leiders plaatsvindt via communicatie, of het nu gesproken, geschreven of non-verbale communicatie is.
  • De inhoud van die communicatie gaat over helder en eerlijk aangeven wat er goed gaat, en ook wat er niet goed gaat en hoe dit verbeterd kan worden.
  • Door in die communicatie echt te verbinden, ook op emotioneel niveau, met de mensen met wie je als leider werkt, voelen medewerkers dat je bij hen betrokken bent, dat het je aangaat. Wanneer zich dan een probleem voordoet, beseffen medewerkers dat ze er niet alleen voor staan.

HOE JE HET MODEL KUNT GEBRUIKEN

De 7 domeinen die in het model voor leiderschap in het onderwijs worden benoemd, zijn waarschijnlijk voor jou als leider in een onderwijsorganisatie niets nieuws onder de zon. Het model beschrijft in feite de verschillende aspecten waar je in je rol al mee te maken hebt. Wat het model wel helder maakt, is de achterliggende logica van de taken van effectief leiderschap in het onderwijs. Alle domeinen zijn belangrijk en zijn onderling met elkaar verbonden. Zelfreflectie- en analyse-instrument Daarnaast is het de realiteit dat veel leiders in het onderwijs een natuurlijke affiniteit hebben met zaken die te maken hebben met visie en richting: Wat is ons onderwijsconcept? Waar staan wij voor? Ook professionele ontwikkeling vinden ze vaak interessant. Naar de technische aspecten van leiderschap in het onderwijs in de rechterkant van het model, gaat vaak minder automatisch affiniteit uit, terwijl het evenwicht tussen al de domeinen in het model nu juist heel belangrijk is voor effectief leiderschapsgedrag. Wat het model visueel duidelijk maakt is dat de domeinen waar leiders in het onderwijs vaak van nature op acteren, heel belangrijk zijn, maar dat dit in balans moet zijn met de andere domeinen in het model. Door het model in te zetten als zelfreflectie en/of analyse-instrument, kom je erachter:

  • Hoe jij je aandacht feitelijk verdeelt over de 7 domeinen,
  • Aan welke domeinen je (te) weinig toekomt en wat nodig is om meer balans te vinden
  • Op welke van de 7 domeinen je jezelf kan verbeteren
  • In welke samenhang je een nieuwe ontwikkeling het beste vorm kunt geven

DE HUIDIGE PRAKTIJK: WAT VRAAGT DE CORONA-ACTUALITEIT?

Naar aanleiding van de corona-actualiteit ziet het ernaar uit dat in het beroeps- en hoger onderwijs ingrijpende keuzes moeten worden gemaakt. Het is van groot belang dat je dit doet op basis van de visie en richting van je onderwijsorganisatie, oftewel domein 1 in het model. Als je nu besluiten gaat nemen die niet in lijn zijn met deze visie en richting, gaan de andere 6 domeinen schuiven. Dan is het heel lastig om de onderlinge samenhang tussen de domeinen te bewaken, wat het risico op vermindering van de onderwijskwaliteit vergroot.

Uiteraard waren in de eerste crisis-modus ad hoc beslissingen nodig. Maar nu het ernaar uitziet dat er voor een langere periode ingrijpende besluiten moeten worden genomen, is het belangrijk deze besluiten te nemen op basis van de bestaande visie en richting. Hoe pijnlijk, praktisch en plat de beslissingen over wie wanneer naar school mag komen en hoe je het onderwijs vorm gaat geven, ook zijn, het zijn hele complexe vraagstukken. Dat vraagt om het juiste afwegingskader om de resultaten te realiseren die je het meest belangrijk vindt.

Vanuit haar drijfveer om wetenschap, beleid en praktijk met elkaar te verbinden, is Prof.dr. Sietske Waslander verbonden aan TIAS School for Business and Society. Ze geeft onderwijs in verschillende TIAS programma’s, waaronder executive masters, masterclasses en InCompany Programs.

Ook participeert ze in het GovernanceLAB van TIAS waar ze verantwoordelijk is voor een groot onderzoek naar sturing en governance in het onderwijs, en participeert ze in de longitudinale landelijke evaluatie van Passend onderwijs. Sietske is lid van diverse commissies, besturen en raden van toezicht om ook vanuit die rol bij te dragen aan de maatschappelijke waarde van het onderwijs.

Vergroot de impact van jouw leiderschap Wil jij je impact vergroten met een verdere professionalisering van jouw leiderschap? Dan is de TIAS-opleiding Master of Management in Education wellicht een goede keuze voor jou.

In de opleiding wordt dieper ingegaan op het 7 Domeinen Model en kun je je verder ontwikkelen op het gebied van beleid, bestuur, organisatie en leiderschap in het onderwijs. De colleges bieden inspirerende theoretische denkkaders die gebaseerd zijn op actueel wetenschappelijk onderzoek.

Meer informatie over de Executive Master of Management in Education? Neem voor persoonlijk advies gerust contact met mij op.

Esther van Zijp Program Adviser +31 13 466 8641

Our vision We believe business exists to serve society

Our purpose

We develop leaders who serve society by transforming business

Our ambition

We are the go-to-school for business transformation that serves society. An international hub for life long development for leaders who want to have an impact on society through business, now and in the future.

TIAS #Neverstopasking At TIAS, we encourage people to Never Stop Asking. To be critical and inquisitive. And at the same time creative and focussed on collaboration.


NEVER STOP ASKING

TILBURG UNIVERSITY

EINDHOVEN UNIVERSITY

OF TECHNOLOGY